SPAGHETTI & MEER
Tijdens het fietsen verbruik je energie. Deze haal je uit voedingsstoffen zoals vetten en koolhydraten. Als je rustig fietst worden bijna alleen vetten omgezet naar energie, als de intensiteit hoger ligt wordt het aandeel koolhydraten steeds groter. Vetten zijn onbeperkt aanwezig in je lichaam. De voorraad koolhydraten is na anderhalf uur intensief fietsen op. Deze voorraad moet dus aangevuld worden, zowel voor, tijdens als na het fietsen. Koolhydraten zitten bijv. in aardappelen, bananen, volkorenbrood en spaghetti!

Vocht is nodig voor de temperatuurhuishouding en is een belangrijk bestanddeel van het bloed. Door vochtverlies wordt het bloed dikker en stroperiger, en kunnen de spieren minder goed werken. Bovendien daalt het concentratievermogen door vochtverlies. Door inspanning verliest het lichaam veel vocht dat moet worden aangevuld.

Een paar praktische tips:
  • Een lichte maaltijd kun je nog tot 2 uur voor het fietsen nuttigen, een kleine (maar voedzame en gezonde) snack tot een half uur voor het fietsen.
  • Tijdens het fietsen moeten koolhydraten aangevuld worden: je lichaamsgewicht in gram per uur. Begin hiermee vanaf een half uur na de start.
  • Probeer voor het fietsen een bidon water te drinken
  • Drink tijdens het sporten water, bij grote inspanningen langer dan 1 uur dorstlesser (isotone sportdrank: 40-80 gram koolhydraten/liter). Dorstlesser bevat behalve koolhydraten ook natrium wat het vocht vasthoudt. Neem per uur 10x je lichaamsgewicht in ml vocht in.
  • Voor een goed herstel moet je ook na het fietsen de koolhydraat- en vochtvoorraad aanvullen met koolhydraatrijk voedsel, energiedrank en water. De opname van koolhydraten is het grootst tot 2 uur na het fietsen.